Bij de trial motorsport is het de bedoeling een hindernissenparcours
af te leggen zonder met de voeten aan de grond te komen. Deze
hindernissen kunnen indrukwekkende, meer dan manshoge voorwerpen zijn zoals
kolossale boomstammen, rotsblokken, vrachtwagens, stapels pallets en nog veel
meer. Trialmotoren zijn in staat om korte tijd tegen loodrechte muren omhoog te
rijden. De draaicirkel is zo klein dat de motor om zijn eigen achteras heen kan
rijden zonder dat het achterwiel van zijn plaats komt. De motor kenmerkt zich
door zijn minimale ontwerp welke in het midden diep doorzakt terwijl hij zeer
hoog op zijn poten staat. Zo is er nauwelijks sprake van een zadel en lijkt het
vooral een motorblokje op wielen te zijn. Het benzinetankje heeft vaak maar een
inhoud van 1 of 1.5 liter, ruim voldoende voor een complete wedstrijd. Meest
bekende merken: Gas Gas en Montesa (Spaanse merken). Ook Honda en andere Japanse
merken spreken een aardig woordje mee. Enkele decennia geleden waren het
voornamelijk Britse eencilinders die de dienst uitmaakten. Deze motorfietsen
zijn speciaal ontworpen voor de trialsport.
Veel vermogen hebben de motoren niet, 17 pk is al heel veel. Maar alles
draait hierbij om een zeer groot koppel die de motor erg sterk maakt. Ook moet
een trialmotor zeer goed stationair kunnen lopen en blijven lopen. Het zijn ook
geen zware motoren en meestal tweetakt motoren. De cilinderinhoud is verdeeld in
50 en 80 cc voor de jeugd en 125, 250 of 350 cc voor volwassenen. Wedstrijden
worden niet per cilinderinhoud gereden zoals bij motorracen en motorcross heel
gewoon is. Sommige merken kunnen dus ook 300 cc hebben of 280 cc. Een trialmotor
boven de 350 cc is vrij zeldzaam. In de praktijk blijkt dat ze dan al snel te
zwaar en te sterk worden waardoor de kracht van de motor niet meer goed te
doseren is, een heel belangrijk punt in de trialsport.
Trial is pure acrobatiek en bepaald niet eenvoudig. De rijder dient over een
zeer goed evenwichtsgevoel te beschikken of deze na jaren van training aan te
leren. Iemand die de motor goed beheerst kan vanaf de begane grond recht tegen
de muur omhoog zijn motor op het balkon van de eerste verdieping parkeren, of op
het dak van uw schuurtje. De vering is zo geavanceerd dat u er met het zelfde
gemak er weer vanaf kan springen zonder de minste risico op blauwe plekken onder
uw voetzolen. Kortom, de ideale filemotor, komt u er niet omheen, dan gaat u er
gewoon overheen.
Een wedstrijd bestaat uit een aantal zogenaamde non-stop's. Deze moeten van
begin tot einde worden afgelegd zonder dat de grond met iets anders dan de
banden wordt geraakt. Een voetje aan de grond is uit den boze en levert een
strafpunt op. Ook moet de motor een voorwaartse richting blijven aanhouden.
Stilstaan - een soort sur-place - is toegestaan maar achteruitrijden dus niet.
Meer dan drie strafpunten in een non-stop levert het maximale aantal van vijf
strafpunten voor die non-stop op. Wie aan het eind van de wedstrijd het minste
aantal strafpunten heeft behaald mag zich winnaar noemen.
Bekende trialrijders zijn Sammy Miller en Martin Lampkin. In Nederland is
Henk Vink diverse keren kampioen geweest voordat hij zich toelegde op sprint
|